Geschiedenis van 's-Hertogenbosch

Start Met Bestellen




Geschiedenis van 's-Hertogenbosch

In 1185 stichtte hertog Hendrik I van Brabant bij de samenvloeiing van de riviertjes de Aa en de Dommel de vestingstad 's Hertogenbosch. In de 15de eeuw bloeide in 's-Hertogenbosch de lakenindustrie. Tussen 1475 en 1525 kende 's-Hertogenbosch het hoogtepunt van zijn bloei. In deze tijd kwam de Sint-Janskathedraal tot voltooiing. Voor de sociaal zwakkeren was er een fijnmazig vangnet van sociale voorzieningen, de zogenaamde Godshuizen. In deze tijd leefde ook de kunstschilder Jeroen Bosch (ca. 1450-1516).

Vanaf circa 1525 ging het minder voorspoedig. In 1579 koos het stadsbestuur partij voor de Koning van Spanje en daarmee voor het vernieuwde katholicisme. Duizenden Bosschenaren verlieten 's-Hertogenbosch, om nooit meer terug te keren.

Na de Tachtigjarige Oorlog kwam het handelsverkeer opnieuw op gang. De benoeming tot hoofdstad van Noord-Brabant in 1815 deed 's-Hertogenbosch in aanzien stijgen. In 1874 kreeg men van overheidswege toestemming om de vestingwallen te slopen. Hierdoor kon men de al eeuwen voortdurende wateroverlast beteugelen en kon 's-Hertogenbosch verder worden uitgebreid.